KIM
Ze hebben zich allemaal op afschuwelijke wijze aan mij vergrepen KIM

Blog #11 Bedreigd en onder druk gezet door je baas: het verhaal van een slachtoffer van arbeidsuitbuiting

Goed mogelijk dat je ooit eens heerlijk hebt gegeten in Indiaas restaurant Saravana Bhavan in Amsterdam, en dat je afgelopen 7 november in het Parool las dat dit restaurant eind vorig jaar werd gesloten door de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid (ISZW) wegens arbeidsuitbuiting. Dan komt het ineens dichtbij. Wat gebeurt er nu precies als je slachtoffer wordt? Wat voor impact heeft de uitbuiting op je leven? In deze blog neem ik je mee in het verhaal van de Chinese Zhang(1). Zijn verhaal staat symbool voor wat veel te veel mensen moeten meemaken, net als de slachtoffers in de Saravana Bhavan-zaak. Ook in Nederland, onder onze ogen. 

Wij merken in ons werk dat arbeidsuitbuiting vaak nog onbekend is bij het grote publiek. Ook wordt deze vorm van mensenhandel vaak als minder ernstig gezien. Dat komt vooral doordat de inbreuk op de lichamelijke integriteit van slachtoffers die tot sekswerk of orgaanverwijdering worden gedwongen, veel groter lijkt. De verhalen die bij ons binnenkomen laten echter zien dat dwang, geestelijke en fysieke bedreigingen en geweld ook in de wereld van arbeidsuitbuiting aan de orde van de dag kunnen zijn. 

Zorgwekkende signalen 
Op de helpdesk werken we nauw samen met ISZW. Op een dag komt de volgende zaak bij ons binnen. ISZW-rechercheur Martin belt en vertelt dat hij samen met collega’s over een paar dagen een inval heeft gepland in een restaurant in het midden des lands. Via collega’s van de afdeling Toezicht komen er al langere tijd zorgwekkende signalen binnen over deze zaak. Bij een recente inspectie van de arbeidsomstandigheden rijzen er opnieuw vermoedens van misstanden. Het lijkt erop dat werknemers op de leegstaande zolder boven het restaurant slapen, lange dagen maken en niet over hun eigen identiteitspapieren beschikken. Aan de inspecteurs vertellen ze allemaal precies hetzelfde verhaal.  

De signalen stapelen zich op, het is tijd voor actie. De verwachting is dat de rechercheurs twee tot vijf mogelijke slachtoffers zullen aantreffen bij de inval. Waarschijnlijk Chinese mannen, maar of dat echt zo is zal moeten blijken. We spreken met Martin af dat wij de opvanginstellingen (2) inlichten over deze vooraankondiging en vast zullen checken of er plek is. Daarna houden we contact met hem en de opvang. Als de gespecialiseerde rechercheurs van ISZW straks voldoende aanwijzingen vinden voor mensenhandel, zullen zij de slachtoffers de B8-regeling aanbieden. 

Het is de dag van de actie. We hebben telefonisch contact met Martin die ons regelmatig bijpraat over de situatie. De verhalen komen langzaam boven tafel. Er heerst duidelijk angst onder de medewerkers van het restaurant. Angst voor de baas, maar ook de angst hun werk en woonplek te zullen verliezen. De vermoedens van ISZW worden bewaarheid. Het verhaal van Zhang beschrijft wat hij en zijn collega’s - en velen met hen op andere momenten en plekken - de laatste maanden hebben doorstaan. 

Het verhaal van Zhang 
Via een online advertentie is Zhang in contact gekomen met het restaurant. Het beloofde salaris klonk goed, het werk was niet heel uitdagend, maar prima om een tijdje te doen. Zo kon hij geld verdienen en een deel ervan naar zijn familie in China sturen. Eenmaal aangekomen bij het restaurant kreeg hij een korte rondleiding; hij kon meteen als afwasser beginnen. Tussen neus en lippen door kreeg hij zijn contract te zien. Het was in een hem onbekende taal opgesteld. Restauranteigenaar Chao drong erop aan dat hij snel zou tekenen. Hij ontving geen kopie. Zijn paspoort moest hij inleveren, Chao zou het voor hem bewaren. Zijn spullen kon hij kwijt op de zolder boven het restaurant. De grond lag er bezaaid met matrassen, achter een openstaand krakkemikkig deurtje zag hij een toilet en wasbak. Beneden in de keuken wachtte hem een enorme stapel borden.  

Valse beloftes 
Bij het sollicitatiegesprek met Chao is afgesproken dat hij de eerste tijd als afwasser zal werken. Als dat goed gaat, mag hij geleidelijk aan meer taken op zich nemen. Hij hoopt uiteindelijk chef te worden, zijn in China gevolgde opleiding tot basiskok komt dan goed van pas. In de daaropvolgende weken wordt duidelijk dat Chao hem voor alle mogelijke klussen laat opdraven. Hoeveel uren hij ook gewerkt heeft, hoe laat het ook is. Hij maakt lange dagen en krijgt maar af en toe een uurtje vrij. Het beloofde salaris blijft vooralsnog uit, Zhang krijgt net genoeg om wat toiletspullen te kunnen kopen. Eten doen hij en de andere werknemers in het restaurant, van wat er over is van de maaltijden voor de gasten. Chao verzint elke keer wel weer een reden waarom hij nog niet kan uitbetalen. Zhang blijft hopen, hij wil zijn familie in China niet teleurstellen. Veel privacy hebben hij en zijn directe collega’s niet. Ze slapen met zijn allen in dezelfde ruimte en het badkamertje - of wat daarvoor door moet gaan - kan niet op slot.  

Van kwaad tot erger 
De maanden gaan voorbij en de beloftes die Chao hem had gedaan, over opklimmen binnen het bedrijf, lijken ver weg. Elke keer als hij erover begint, bijt Chao hem toe dat hij te veel fouten maakt. Chao snauwt dat hij Zhangs zusje een bezoekje laat brengen door zijn partner in China als Zhang zo blijft zeuren. De sfeer onder de werknemers is bedrukt, angstig. Extra werk durft Zhang niet te weigeren, want hij weet dat het dan op zijn collega’s neer zal komen. Chao’s lontje wordt steeds korter. Werken, werken, werken moeten ze, ook als ze zich niet goed voelen. Chao schijnt te weten wanneer de inspectie langskomt. Hij instrueert Zhang en de anderen, laat hen een verhaal uit het hoofd leren. Degenen die dat het best doen, worden bij de controle naar voren geschoven. Niks aan de hand, alles gaat prima. Nee, ze wonen ergens anders, allemaal door hun baas geregeld. Zhang gelooft op den duur niet meer dat hun situatie nog zal verbeteren. Door het harde werken en de tirannie van Chao, dag in dag uit, kan hij niet helder meer nadenken. Niemand durft het restaurant nog te verlaten uit angst voor represailles van hun baas, en ze weten niet wie ze om hulp kunnen vragen.  

Hulp accepteren 
ISZW-rechercheur Martin en zijn collega’s treffen een groepje bange, uitgeputte mensen aan. Na een lang gesprek via een tolk begrijpt Zhang dat hun hulp wordt aangeboden. Dat zijn baas tegen de wet handelt en hen uitbuit. Hij besluit erop in te gaan in de hoop dat hem iets beters wacht. In totaal vier collega’s krijgen door ISZW de B8-bedenktijd aangeboden. Martin belt met ons om de stand van zaken door te geven en vraagt of wij vervoer kunnen regelen voor de vier jonge mannen. We gaan aan de slag. Via de Dienst Vervoer & Ondersteuning vragen we vervoer aan. Met Martin hebben we afgesproken dat we de mannen verdelen over de twee opvanglocaties. Dit in de hoop dat ze elkaar niet zullen beïnvloeden in hun verhaal, mogelijk uit angst of nog onder druk van de werkgever. We brengen de opvang op de hoogte, ze gaan de bedden vast klaarmaken. Ook de zorgcoördinatoren van de regio van de opvang stellen we in kennis. Zij zullen in de komende dagen met de mannen praten en met hen en de opvangmedewerkers inventariseren wat er aan hulp nodig is. Denk bijvoorbeeld aan kleding en een advocaat. Ook zullen zij, net als de ISZW-rechercheurs gedaan hebben, uitleg geven over de juridische procedure en het strafrechtelijk onderzoek. Tijdens de intake in het restaurant hebben de mannen vanzelfsprekend niet alles begrepen en onthouden. We bellen voor de laatste keer vandaag met Martin. We geven door dat alles in stelling is gebracht. Hij gaat zelf ook richting de opvang zodat de mannen daar een bekend gezicht zien en hij met de opvangmedewerkers de situatie door kan nemen.

Tot rust komen 
Op de helpdesk ronden we de dag af. De aanmeldformulieren, die we nodig hebben om dossiers voor de mannen aan te maken in ons registratiesysteem, zal Martin morgen opmaken en naar ons mailen. Via onze interne overdracht laten we de collega’s die de volgende dienst zullen draaien weten wat er vandaag gebeurd is.  

Zhang en zijn collega’s hebben de komende weken de tijd om tot rust te komen. Ze kunnen de informatie over hun rechten en plichten laten bezinken, overwegen of ze aangifte tegen Chao willen doen, en niet in de laatste plaats, verwerken wat ze de afgelopen tijd hebben meegemaakt.

In mei 2020 is door het kabinet het Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten in het leven geroepen. Het Aanjaagteam zoekt naar manieren om de werk- en leefomstandigheden van arbeidsmigranten structureel te verbeteren en hun afhankelijkheid van de werkgever de verkleinen. Ook CoMensha heeft een aantal verbeterpunten aangedragen.

Lees ook het interview over arbeidsuitbuiting in Amsterdam met onze directeur-bestuurder Ina Hut in het Parool en houd onze website en social media in de gaten voor het laatste nieuws over (o.a.) de aanpak van arbeidsuitbuiting.

(1) Alle gebruikte persoonsnamen in dit stuk zijn fictief.
(2) Op twee plekken in het land zijn er speciale, tijdelijke crisisplekken gecreëerd voor (mogelijke) slachtoffers van arbeidsuitbuiting. Deze plekken zijn er gekomen omdat de kans groot is dat ISZW bij zo’n actie meerdere personen aantreft, en het lastig is om voor grotere groepen op korte termijn plek te vinden in de reguliere opvang.


Erin van de Weijer 
Consulent aanpak mensenhandel @ CoMensha
December 2020