KIM
Ik stond onder druk van bedreigingen en mijn gevoel van schaamte was groot KIM

Strafrechtelijk onderzoek naar verdwijning van Vietnamese minderjarigen moet meer prioriteit krijgen, evenals aanscherping van maatregelen en een betere samenwerking in de migratieketen.

Staatssecretaris Ankie Broekers-Knol (Justitie & Veiligheid) heeft de Tweede Kamer op 23 maart jl. middels een brief en twee rapporten geïnformeerd over het vertrek met onbekende bestemming uit de Beschermde Opvang van (Vietnamese) alleenstaande minderjarige asielzoekers (amv’s). 

In de afgelopen jaren zijn tientallen amv’s uit de beschermde opvang verdwenen. Naar aanleiding van berichtgeving van het radio-programma Argos eind maart 2019 en de hierop volgende Kamervragen gaf toenmalig staatssecretaris Mark Harbers opdracht dit nader te onderzoeken.

De Analyseproeftuin Migratieketen (APM) heeft aan de hand van de binnen de migratieketen beschikbare data gekeken naar het vertrek met onbekende bestemming van amv’s van alle nationaliteiten uit alle soorten van de opvang van amv’s van 2015 tot en met 2018. Het Expertisecentrum Mensenhandel en Mensensmokkel (EMM) heeft onderzoek gedaan naar de omvang van en de omstandigheden waaronder vreemdelingen met de Vietnamese nationaliteit met onbekende bestemming uit de beschermde opvang zijn vertrokken in de periode van 2015 tot en met 2018. Tevens heeft het EMM het aantal en de aard van eventuele mensenhandel- en mensensmokkelzaken in Nederland in kaart gebracht waar vreemdelingen met de Vietnamese nationaliteit bij betrokken zijn geweest in dezelfde periode. 

Uit de onderzoeken blijkt dat er van 2015 tot 2019 1750 kinderen zijn verdwenen uit asielzoekerscentra in Nederland. Onder hen waren 78 Vietnamese kinderen. Daar komen nog 18 vermissingen in 2019 bovenop. Verder blijkt uit de onderzoeken dat Nederland vaak een tussenstop is en dat de kinderen vaak in het Verenigd Koninkrijk terechtkomen.

De Staatsecretaris concludeert dat de onderzoeken van de APM en het EMM waardevolle nieuwe inzichten opleveren maar ook bevestigen dat een aanzienlijk deel van deze groep amv’s niet geïnteresseerd lijkt te zijn in verblijf in Nederland, maar rondtrekt door Europa dan wel op doorreis is naar een ander land. 

Over de vermoedens van mensenhandel waar deze kinderen mee te maken krijgen zegt de staatsecretaris het volgende: “Het onderzoeksrapport biedt een aantal nieuwe inzichten die met de betrokken instanties gedeeld en besproken zijn. Met deze diensten is ook afgesproken dat dit specifieke fenomeen, het vroegtijdige vertrek van Vietnamezen uit opvanglocaties, onderwerp van gesprek blijft in het Coördinerend Overleg EMM (CO-EMM). Het afgeronde fenomeenonderzoek van het EMM biedt nieuwe aanknopingspunten om verdiepende analyses te verrichten en zo deze informatiepositie van opsporingsinstanties verder te versterken. Zo heeft de Inspectie SZW zich tot doel gesteld om de intelligence positie te verbeteren. Hiervoor willen zij beter inzicht verkrijgen in de (internationale) criminele netwerken en structuren (zoals financieel, smokkel, huisvesting) die betrokken zijn bij ernstige benadeling en mogelijke uitbuiting van Vietnamezen in nagelstudio’s in Nederland”. 

Ina Hut, directeur-bestuurder van CoMensha: ‘Er is meer nodig om de verdwijningen van de minderjarigen uit de opvang tegen te gaan. De Nederlandse staat is verantwoordelijk voor deze kinderen. Uit de onderzoeken blijkt dat 97% van de Vietnamese minderjarigen met onbekende bestemming uit de beschermde opvang is verdwenen. En nog steeds verdwijnen kinderen met onbekende bestemming uit de opvang. Twee Vietnamese minderjarigen, die in de beschermde opvang in Nederland verbleven, zijn eind 2019 dood aangetroffen in de koeltruck in Essex (Verenigd Koninkrijk.) Dit is alarmerend, er zijn nieuwe afspraken gemaakt, maar er is meer nodig! Ook de opvang maakt zich grote zorgen. Zij doen alles om te voorkomen dat deze kinderen verdwijnen. 

Het EMM-rapport stelt dat uit opsporingsonderzoeken en signalen blijkt dat er bij vermissing van minderjarige Vietnamezen meermalen sprake is geweest van (indicaties) mensensmokkel. Ook het gedrag van de AMV’s in de opvang en de georganiseerdheid van het vertrek doet vermoeden dat hier sprake van is. En, zo staat in het rapport ‘De smokkel heeft bijna altijd tot doel de migranten uit te buiten. De meest voorkomende uitbuitingsvormen zijn gedwongen arbeid, criminele uitbuiting en seksuele uitbuiting’.

Er zijn voldoende opsporingsindicaties die verder strafrechtelijk onderzoek rechtvaardigen. Wie zijn deze kinderen, waar komen ze vandaan en waar komen ze terecht? Breng het netwerk van mensensmokkelaars en mensenhandelaren goed in beeld. Vanuit de opvang klinkt ook de roep om de communicatie en de samenwerking in de migratieketen te verbeteren, een goede terugkoppeling vanuit de Politie en ook vanuit Ter Apel (IND) naar de opvanglocaties is essentieel. En zorg voor één centraal en eenduidig meldpunt. 

Mijns inziens verdient het verder aanbeveling om in meer brede zin een expertgroep met ketenpartners uit zowel de opsporing als uit de zorg op te zetten die de hele migratieketen systematisch in kaart brengt en met aanbevelingen komt om de bestaande knelpunten op te lossen. We weten al jaren van deze verdwijningen, dit moet grondig aangepakt worden.” 

Bekijk ook het onderzoek van Argos naar de verdwenen minderjarigen en hun reactie op de brief van de staatssecretaris. 

En lees ook de reactie van de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen.